Matthijs Brouwer - "Dames en heren!"

AYA-leden delen hun ervaringen in onderzoek en onderwijs aan de Amsterdamse universiteiten en medische centra.
Matthijs Brouwer
22/01/2020
Matthijs Brouwer
22/01/2020

Dames en heren!

Zo word je toegesproken als je deel uit maakt van een groep - bij een voorstelling of als je door moet lopen van de politie. Of aan het begin van een column. Als individu word je echter niet zo vaak als dame of heer aangesproken. Tegen kinderen van 3 tot 6 jaar zeg je wel eens dame of heertje, met name als het kind in kwestie mooi uitgedost is of zich parmantig gedraagt. Maar verder is in het dagelijks taalgebruik vrij ongebruikelijk. Dat komt deels omdat je meestal omgaat met mensen waarvan je de naam weet. Onbekenden spreek je wel eens als dame aan in het verkeer als je onrecht wordt aangedaan (“hé dame, dat stoplicht is ook voor jou rood”), maar zelfs in een winkel word je niet vaak met dame of heer aangesproken.

Dat verandert als je ziek wordt, want als patiënt word je door de zorgverleners in hun onderlinge communicatie al gauw een dame of heer. Niet dat je zo wordt aangesproken, maar als het over je gaat in medische overdrachten ben je opeens een “63 jaar oude dame met een heupfractuur.” Er zijn vele varianten in de manier waarop er over je gesproken kan worden in medische overdrachten: zo is er de “80-jarige oude baas met Parkinson,” een “37-jarige alcoholist met blindedarmontsteking” of zelfs een “25-jarige crackhoer met een hersenschudding”.

Het is mij nooit duidelijk geworden waarom je als je ziek bent niet meer een vrouw bent maar een dame, of wanneer je van een man een baas wordt. Het gaat dan vast niet over je beroep, in tegenstelling tot het geval van de crackhoer. Dat er aan de term alcoholist en crackhoer een (negatieve) lading zit, is duidelijk. De term is ook lang niet altijd relevant voor de diagnose en overdracht – en dan ook niet nodig. Maar ook de termen oude baas en dame hebben iets denigrerends. Dame bijvoorbeeld omdat je dat verder alleen gebruikt als je het tegen kinderen hebt, of tegen mensen die je afsnijden op de fiets.

Studenten en coassistenten die ik dit verhaal doe, hoor ik daarna braaf hun taalgebruik aanpassen. Dat kan echter niet los worden gezien van mijn rol als hun beoordelaar - ik vraag me af of het beklijft bij het volgende coschap. En buiten die rol maakt het nogal wat los als je mensen beschuldigt van denigrerend taalgebruik. Toen ik recent een niet-medische vriend mijn mening over de negatieve lading van het woord dame verkondigde, reageerde hij alsof ik hem voor racist had uitgemaakt. Hij sprak vrouwen zo vaak aan met dame, met name als hij ze terechtwees in het verkeer. Wel fijn dat hij hiermee mijn punt bevestigde, alhoewel hij dat dan weer niet zo zag.

Ik ben zeker niet koning PoliCor (politiek correctheid), die titel is al vergeven aan PC principal in South Park (kijken!). Maar als zorgverlener zou het in ieder geval de intentie moeten zijn zo min mogelijk bevooroordeeld over een patiënt te praten. Laat ik het van de positieve kant benaderen: het lijkt mij heel goed als we iedereen gewoon vrouw of man zouden noemen in medische overdrachten. Dan laat ik alle andere vormen van genderfluïditeit en transgenders voor het gemak even buiten beschouwing. Voor een groot aantal ziekte is het geslacht van de patiënt namelijk meer invloed dan hun damesachtige uitstraling of hun voorkomen als een oude baas.

Dames en heren, dank voor uw aandacht.

Matthijs Brouwer